Geboren op 2 mei 1897 te Pretoria, overleden op 16 januari 1989 te Amsterdam; roepnaam Lil(ian); volgde onderwijs te Den Haag, Batavia en Lausanne; studeerde aan de Nederlandsche Handels-Hoogeschool te Rotterdam en promoveerde als eerste vrouw in de handelswetenschap op het proefschrift 'De besteding van het inkomen. Het indexcijfer van de kosten van levensonderhoud' op 11 december 1930; huwde met prof. mr dr N.W. Posthumus in 1931, kreeg één dochter Claire Candide in 1938 en had meerdere pleegkinderen; was lid van de Nederlandse Vereniging voor Vrouwenbelangen, Vrouwenarbeid en Gelijk Staatsburgerschap en van de Vereniging van Vrouwen met Academische Opleiding; voorzitster van de afdeling Amsterdam van de Bond van Vrouwen werkzaam in Bedrijf en Beroep, lid van het Initiatiefcomité ter oprichting van een huishoudraad en daarna lid van de Nederlandse Huishoudraad; medeoprichtster in 1935, secretaresse en van 1947 tot 1954 presidente van het Internationaal Archief voor de Vrouwenbeweging; presidente van de Women's Initiative Committee for International Coöperation Year, secretaresse en penningmeesteres van het Vrouwen Initiatief Comité van het Wereldjaar voor Internationale Samenwerking (VICWIS); medeoprichtster en bestuurslid van de Stichting tot Erkenning en Bevordering der Samuelstherapie; blies in 1951 nieuw leven in het Marie Jungius Fonds; voerde het secretariaat van het International Scientific Institute for Feminine Interpretation (Isifi) en van de Nederlandse Vereniging van Vrouwelijke Bedrijfshoofden; lid van de werkgroep 'Moeders willen vrede'; had de redactie van verschillende radiorubrieken bij de AVRO onder andere 'Korte gesprekken van vrouw tot vrouw', 'Bent U het met ons eens Mevrouw?' en ' De Radiokrant voor de werkende vrouw'; hield vele radiotoespraken en was voorzitster van de International Association of Radio Women (IARW); publiceerde vele artikelen, recensies en boeken onder andere 'Vrouwen vochten voor de vrede' 1961; zij schreef in De Groene onder het pseudoniem Peggy Vlug; had de redactie van 'Van moeder op dochter. Het aandeel van de vrouw in een veranderende wereld' 1948.
Correspondentie 1900-1985, 1988; dagboeken en agenda's 1910, 1914-1979; teksten van radiotoespraken, artikelen en lezingen 1937-1973; manuscripten van en stukken betreffende haar publikaties 1946-1982; stukken betreffende haar pleegkinderen 1953-1954, 1965-1975; stukken betreffende de Internationale Vredescampagne 1937; stukken van en betreffende diverse vrouwenverenigingen 1935-1955, 1962-1973; stukken van en betreffende de economische commissie van het in 1936 gehouden internationale vredescongres van de Rassemblement Universel pour la Paix (RUP) 1935-1936; stukken van en betreffende de IARW 1952-1964; stukken betreffende de Stichting tot erkenning en bevordering van de Samuelstherapie 1950-1957; brieven van haar vader aan zijn ouders 1896-1911.
NB. Stukken van haar als lid van de voorbereidingscommissie van het Studiecentrum voor Maatschappelijke Vraagstukken zijn aanwezig bij het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis.